Het beleidsdoel Leven met water is vastgesteld in het omgevingsbeleid. De uitwerking van dit beleidsdoel vind je via deze link .
Beleidsprestatie 5-3-1 Waterveiligheid en wateroverlast
Wat willen we bereiken?
De provincie wil ervoor zorgen dat waterveiligheid wordt gewaarborgd. En dat de kans op wateroverlast uit het regionaal watersysteem wordt beperkt en schade door wateroverlast zoveel mogelijk wordt voorkomen. Dit doet zij door in te zetten op meerlaagsveiligheid, oftewel de combinatie van waterbewustzijn, preventie, gevolgen beperking, crisisbeheersing en herstel van schade. Ondanks maatregelen om een dijkdoorbraak of wateroverlast te voorkomen (preventie), kunnen ze nooit geheel worden uitgesloten.
De provincie heeft meerdere wettelijke taken:
- Regels voor regionale waterkeringen: De provincie wijst regionale waterkeringen aan en stelt omgevingswaarden vast voor deze keringen. Deze omgevingswaarden (beschermingsniveau) van deze regionale waterkeringen is vastgelegd in de omgevingsverordening. Met de waterschappen zijn ook termijnen vastgesteld waarop de waterkeringen aan deze normen moeten voldoen.
- R egels voor wateroverlast vanuit het regionale watersysteem: De provincie heeft omgevingswaarden (normen) vastgesteld voor wateroverlast vanuit het regionale watersysteem. Deze zijn in de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening vastgelegd.
- Goedkeuring van projectbesluiten (dijkversterkingsplannen) : Dit geldt vooral voor de versterking van primaire waterkeringen langs de kust en dijken langs grote rivieren, die beheerd worden door het waterschap. De plannen voor dijkversterkingen worden beoordeeld op het goed meenemen van landschappelijke, natuur- en cultuurwaarden. Ook geldt dit voor projectbesluiten voor overige waterstaatswerken, dit zijn bijvoorbeeld projectplannen voor regionale keringen, gemalen of nieuwe watergangen.
- Richtlijn Overstromingsrisico's (ROR): De provincie maakt, actualiseert en publiceert overstromingsrisico- en overstromingsgevaarkaarten. Op die kaarten is te zien welke gebieden kunnen overstromen, wat de kans is op een overstroming, wat dan de waterdiepte kan zijn en wat de gevolgen zijn.
Wat gaan we doen om dit te realiseren?
Er zijn geen bijstellingen van beleid.
Beleidsprestatie 5-3-2 Waterkwaliteit en waterbeschikbaarheid
Wat willen we bereiken?
De provincie wil een goede kwantiteit en kwaliteit van grond- en oppervlaktewater. Voor het realiseren van een goede waterkwaliteit volgt de provincie de Europese richtlijnen: de Kaderrichtlijn Water (KRW), de Grondwaterrichtlijn en de Drinkwaterrichtlijn. Voor zwemlocaties in oppervlaktewater volgt de provincie de Zwemwaterrichtlijn: de provincie wil goed ingerichte en veilige zwemlocaties in oppervlaktewater.
De provincie beschermt de huidige en toekomstige bronnen voor drinkwaterproductie en belangrijke, onmisbare drinkwaterinfrastructuur. Zodat deze ruimtelijk en kwalitatief veiliggesteld worden en er voldoende drinkwater beschikbaar is om tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten te produceren. De provincie vindt het belangrijk dat er voldoende bronnen voor drinkwaterwinning zijn. In de verkenning naar nieuwe bronnen worden nieuwe locaties, en alternatieve bronnen onderzocht. Door verschillende bronnen te gebruiken is er meer zekerheid op voldoende levering van drinkwater. De provincie wil een toekomstbestendig gebruik van het watersysteem. De verschillende functies van watergebruik en het regionale watersysteem worden zodanig op elkaar afgestemd dat:
- de provincie bestand is tegen perioden van droogte en extreme neerslag
- variaties in de aan- en afvoer van rivierwater kunnen worden opgevangen
- het systeem krachtig is en bestand tegen invloeden van buitenaf mede ten behoeve van de waterkwaliteit.
De verschillende functies van watergebruik worden voorzien van een passende waterkwaliteit uit oppervlaktewater zolang dit doelmatig is en vanuit het water- en bodemsysteem haalbaar is. Als gevolg van klimaatverandering en een toenemende watervraag kan de aanvoer van (beperkt beschikbaar) zoetwater niet altijd en overal worden gegarandeerd. Het zal vaker voorkomen dat er gedurende langere periodes onvoldoende zoetwater is voor gebruiksfuncties.
De provincie zet zoveel mogelijk in op functiecombinaties die elkaar versterken, zoals drinkwater en natuur. Bij het aanwijzen van zwemwaterlocaties wordt rekening gehouden met de waterkwaliteit, veiligheid en hoe schoon het is (hygiëne). Bij het vaststellen van doelen voor de waterkwaliteit wordt rekening gehouden met de verschillende functies waar oppervlaktewateren voor worden gebruikt.
Om ervoor te zorgen dat er genoeg water is en blijft, van een goede kwaliteit zoekt de provincie nadrukkelijk de samenwerking met andere partijen: niet alleen medeoverheden, maar ook drinkwaterbedrijven, terreinbeheerders, ondernemers en maatschappelijke organisaties.
Wat gaan we doen om dit te realiseren?
Er zijn geen bijstellingen van beleid.
