Ambitie 3 Schone energie voor iedereen
Begrotingssubsidies 2026 in vergelijking met 2025 (in €)
Beleids-doel | Naam instelling | Maximaal te subsidiëren 2025 | Kadernota | Begroting 2026 | Voorjaarsnota 2026 | Maximaal te subsidiëren 2026 |
|---|---|---|---|---|---|---|
3.1 | NetVerder B.V. t.b.v. overdimensionering Zuidplas | 1.962.986 | ||||
3.1 | TNO t.b.v. Fieldlab industrial electrification | 300.000 | ||||
3.1 | Nexero BV t.b.v. Opzetten MVP Springfonds | 100.000 | 100.000 | |||
3.1 | Stichting Springfonds t.b.v. Opzetten MVP Springfonds | 300.000 | 300.000 | |||
3.1 | LSA bewoners t.b.v. Buurtenergie LSA bewoners | 375.000 | 375.000 | |||
3.1 | Skytree Amsterdam t.b.v. Opstart DAC-unit Skytree bij CDR-fieldlab Subzero te Rotterdam | 150.000 | 150.000 | |||
3.1 | TNO – innovation for life t.b.v. Meerjarenprogramma Energierechtvaardigheid 2026 - 2031 | 200.000 | 200.000 | |||
3.1 | Yes!Delft t.b.v. EnergyProgramma 2026-2028 | 225.000 | 225.000 | |||
Totaal | 2.262.986 | 0 | 0 | 1.350.000 | 1.350.000 | |
Toelichting
De begrotingssubsidie aan Nexero BV t.b.v. Opzetten MVP Springfonds voor een bedrag van € 100.000 (beleidsdoel 3-1)
Het versnellen van verduurzaming van de Gebouwde Omgeving en glastuinbouw vraag vele verschillende oplossingen. Eén van deze oplossingen kan gevonden worden in het toepassen van innovatieve oplossingen voor verwarmen, koelen, isoleren, opwekken en meer.
Er bestaan verschillende financieringsmogelijkheden voor ondernemingen met dergelijke innovatieve oplossingen, echter richten deze zich veelal op late fase en deels op hele vroege fase van ontwikkeling. Daarnaast richten de bestaande mogelijkheden zich vooral op bedrijfsfinanciering/ - subsidiëring. Na uitvoerig onderzoek, uitgevoerd door Nexero, is gebleken dat projectontwikkelaars terughoudend zijn met het toepassen van innovatie bij de ontwikkeling van huizen en gebouwen. De reden hiervoor zijn, onder andere, het feit dat de innovatieve oplossing weinig tot geen succesvolle installaties heeft (weinig tot geen track record) en dat de kosten van het toepassen van de duurzame innovatie duurder is dan het (fossiele/ minder duurzame) alternatief. Ondanks dat ook de ontwikkelaars aangeven dat de innovatie goed wel zou kunnen werken, kiezen zij vanuit risicobeheersing en kostenreductie veelal toch voor de reguliere (fossiele) oplossing gekozen. Door deze keuze kunnen de innovatieve ondernemingen geen track record opbouwen, waardoor een vicieuze cirkel is ontstaan. Nexero heeft (in opdracht en in samenwerking met onder meer PZH) onderzocht hoe deze vicieuze cirkel doorbroken kan worden. Hiervoor is een instrument ontwikkeld (het Springfonds) waarbij zowel de projectontwikkelaars als de innovatieve onderneming, ondersteund door (publieke) partijen van de middelen worden voorzien om een track record op te bouwen. Er wordt hierbij dus op projectbasis ondersteund en niet, zoals bij de meeste bestaande instrumenten, op bedrijfsbasis. Het doel van het Springfonds is wel om de innovatieve ondernemingen dermate te ontwikkelen dat zij in aanmerking kunnen komen voor andere/ bestaande/ reguliere financieringsinstrumenten. Zowel ontwikkelaars als innovatieve partijen hebben interesse getoond en er zijn reeds enkele concrete projecten geïdentificeerd. Daarnaast hebben ook andere (publieke) partijen interesse getoond in dit instrument. PZH werkt dan ook samen met TKI Energie, Stichting Doen en Provincie Noord-Brabant om het Springfonds verder te ontwikkelen. Het is een plan/project van Nexero zelf. Wij ondersteunen dit graag. Hierdoor is alleen Nexero in de positie om dit uit te voeren. Zij hebben de kennis en expertise om dit op te zetten. Het is dus niet zo dat we een partij zoeken om een idee van ons te realiseren. Wij willen bijdragen aan de ontwikkeling van een idee van Nexero, waar ook verschillende overheden aan mee gaan doen. En ook andere investeerders. Dekking van de subsidie wordt gevonden onder beleidsdoel 3-1 Energietransitie.
De maatschappelijke baten zijn: beleidsprestatie 3-1-5 Duurzaam energiesysteem. Met deze subsidie is Nexero BV in staat een extra innovatie impuls te geven aan verduurzaming van de gebouwde omgeving door het opzetten van een revolverend fonds.
Als alternatief voor het instrument subsidie is opdrachtverstrekking overwogen. Subsidie is gebleken de enige optie te zijn, aangezien het betreffende bedrag geen tegenprestatie vormt voor een geleverde dienst, maar een bijdrage ter stimulering van het ontwikkelen van een financieel instrument.
Gevraagd wordt aan Provinciale Staten om de begrotingssubsidie vast te stellen op € 100.000 en deze op te nemen in de begroting.
De begrotingssubsidie aan Stichting Springfonds t.b.v. Opzetten MVP Springfonds voor een bedrag van € 300.000 (beleidsdoel 3-1)
Het versnellen van verduurzaming van de Gebouwde Omgeving en glastuinbouw vraag vele verschillende oplossingen. Eén van deze oplossingen kan gevonden worden in het toepassen van innovatieve oplossingen voor verwarmen, koelen, isoleren, opwekken en meer.
Er bestaan verschillende financieringsmogelijkheden voor ondernemingen met dergelijke innovatieve oplossingen, echter richten deze zich veelal op late fase en deels op hele vroege fase van ontwikkeling. Daarnaast richten de bestaande mogelijkheden zich vooral op bedrijfsfinanciering/ - subsidiëring. Na uitvoerig onderzoek, uitgevoerd door Nexero, is gebleken dat projectontwikkelaars terughoudend zijn met het toepassen van innovatie bij de ontwikkeling van huizen en gebouwen. De reden hiervoor zijn, onder andere, het feit dat de innovatieve oplossing weinig tot geen succesvolle installaties heeft (weinig tot geen track record) en dat de kosten van het toepassen van de duurzame innovatie duurder is dan het (fossiele/ minder duurzame) alternatief. Ondanks dat ook de ontwikkelaars aangeven dat de innovatie goed wel zou kunnen werken, kiezen zij vanuit risicobeheersing en kostenreductie veelal toch voor de reguliere (fossiele) oplossing gekozen. Door deze keuze kunnen de innovatieve ondernemingen geen track record opbouwen, waardoor een vicieuze cirkel is ontstaan. Nexero heeft (in opdracht van PZH) onderzocht hoe deze vicieuze cirkel doorbroken kan worden. Hiervoor is een instrument ontwikkeld (het Springfonds) waarbij zowel de projectontwikkelaars als de innovatieve onderneming, ondersteund door (publieke) partijen van de middelen worden voorzien om een track record op te bouwen. Er wordt hierbij dus op projectbasis ondersteund en niet, zoals bij de meeste bestaande instrumenten, op bedrijfsbasis. Het doel van het Springfonds is wel om de innovatieve ondernemingen dermate te ontwikkelen dat zij in aanmerking kunnen komen voor andere/ bestaande/ reguliere financieringsinstrumenten. Zowel ontwikkelaars als innovatieve partijen hebben interesse getoond en er zijn reeds enkele concrete projecten geïdentificeerd. Daarnaast hebben ook andere (publieke) partijen interesse getoond in dit instrument. PZH werkt dan ook samen met TKI Energie, Stichting Doen en Provincie Noord-Brabant om het Springfonds verder te ontwikkelen.
Naast het ontwikkelen van het springfonds, zijn er in 2026 investeringsmiddelen benodigd om de werking van het instrument te valideren. Daarvoor worden er twee financieringsstomen opgezet:
- Een revolverende financieringsstroom. Deze wordt ingebracht door verschillende overheden en maatschappelijke instellingen;
- Een converteerbare financieringsstroom. Deze wordt ingebracht door (project)ontwikkelaars en strategische investeerders.
Door het creëren van een revolverende financieringsstroom (special purpose vehicle of SPV), ontstaat een versneller voor het doen van deze investeringen. Het is de doelstelling om deze financieringsstroom op termijn (zoveel mogelijk) in stand te houden doordat projectontwikkelaars / strategische investeerders, bij vervolg investeringen, de eerdere inleg overnemen (aflossen).
Op deze manier kan de subsidie meerdere malen worden ingezet en bijdragen aan innovatie in de energie transitie in Zuid Holland (Warmte/oplossingen in gebouwde omgeving)
Het initiatief is van Nexero zelf, en wij willen dit ondersteunen. De expertise en kennis zit dus alleen bij deze partij. Het opzetten van het MVP fonds is een innovatie project, na evaluatie weten we of Nexero inderdaad ook voor de toekomst de juiste partij is om het fondsbeheer te doen. Door deze uitgangspositie is het niet relevant om naar andere partijen te kijken
Dekking vindt plaats vanuit beleidsdoel 3-1 Energietransitie.
De maatschappelijke baten zijn: beleidsprestatie 3-1-5 Duurzame Energie Systeem omdat met deze subsidie Stichting Springfonds in staat is een extra innovatie impuls te geven aan verduurzaming van de gebouwde omgeving.
Er zijn alternatieven voor het instrument subsidie overwogen. Gekozen is voor een subsidie omdat andere alternatieve keuzen minder geschikt zijn. In het verleden hebben we ook gekozen voor subsidie voor het ontwikkelfonds (wat vergelijkbaar is).
Met subsidie leveren de gezamenlijke overheden een bijdrage aan een gezamenlijk fonds (dat in stand zal blijven/revolveren) om op langere termijn te kunnen investeren in verschillende innovaties. Bij succes zullen deze investeringen worden terug betaald. Zodat het fonds in stand blijft en meerdere projecten kan financieren die bijdragen aan de energie transitie in gebouwde omgeving. Daarom is subsidie een beter instrument dan opdrachtverstrekking.
Gevraagd wordt aan Provinciale Staten om de begrotingssubsidie vast te stellen op € 300.000 en deze op te nemen in de begroting.
De begrotingssubsidie aan LSA bewoners t.b.v. Buurtenergie LSA bewoners voor een bedrag van € 375.000 (beleidsdoel 3-1)
De provincie Zuid-Holland subsidieert het project Buurtenergie van het Landelijk Samenwerkingsverband Actieve bewoners (LSA bewoners) omdat deze organisatie een directe bijdrage levert aan de beleidskeuze Eerlijke energietransitie. LSA bewoners ondersteunt bewoners bij het opzetten en uitvoeren van lokale energie-initiatieven van energiebesparing en collectieve isolatie tot lokale opwekking. Daarmee versterkt de organisatie het maatschappelijk initiatief van onderop en vergroot zij de uitvoeringskracht op wijkniveau. Lokale energieoplossingen dragen bovendien bij aan een meer decentraal energiesysteem en verlichten daarmee de druk op het overbelaste elektriciteitsnet. Een onderscheidend kenmerk is de expliciete focus op inclusiviteit. LSA bewoners richt zich nadrukkelijk op huishoudens met beperkte financiële middelen, huurders en groepen die in reguliere participatietrajecten ondervertegenwoordigd zijn. Hiermee draagt de organisatie bij aan de provinciale doelstelling om energiearmoede te verminderen en de energietransitie toegankelijk te maken voor iedereen, ongeacht inkomen of woonsituatie. Daarnaast vervult LSA bewoners een verbindende rol: praktijkervaringen en signalen van bewoners worden ingebracht bij gemeenten en landelijke beleidsmakers. Dit versterkt de aansluiting van beleid op de leefwereld van inwoners een voorwaarde voor draagvlak en voor een energietransitie die als rechtvaardig wordt ervaren. Dekking van de middelen voor deelname aan het meerjarenprogramma (€ 0,37 mln., voor de periode 2026-2029) vindt plaats vanuit uit bestaande exploitatiemiddelen bij doel 3-1 energietransitie.
De maatschappelijke baten zijn: beleidsprestatie 3-1-2 Lokale initiatieven en inclusieve energietransitie. Deze beleidsprestatie is gericht op het actief betrekken van bewoners en lokale organisaties bij de energietransitie en het bevorderen van een rechtvaardige verdeling van lusten en lasten. Door lokale initiatieven te ondersteunen, wordt het maatschappelijk draagvlak voor de energietransitie vergroot en neemt de betrokkenheid van inwoners bij beleidsontwikkeling en uitvoering toe. Bewoners worden niet uitsluitend gezien als eindgebruikers van beleid, maar als mede ontwikkelaars en mede uitvoerders. Dit versterkt de democratische legitimiteit en de uitvoerbaarheid van de energietransitie. Daarnaast draagt de inzet bij aan een inclusieve energietransitie, waarbij expliciet aandacht wordt besteed aan huishoudens met beperkte financiële draagkracht, huurders en andere groepen die minder vanzelfsprekend deelnemen aan participatieprocessen. Hiermee wordt voorkomen dat de energietransitie leidt tot toenemende ongelijkheid. In plaats daarvan wordt gewerkt aan gelijke kansen om te profiteren van energiebesparing, duurzame opwek en lagere energielasten.
Als alternatief voor het instrument subsidie is opdrachtverstrekking overwogen. Conclusie is dat subsidie het meest passende instrument is, aangezien het initiatief uitgaat van een maatschappelijke organisatie en gericht is op het realiseren van publieke doelstellingen zonder winstoogmerk. De activiteiten betreffen het versterken van bewonersinitiatieven en het bevorderen van inclusieve participatie binnen de energietransitie. Subsidieverlening biedt in dit geval de mogelijkheid om maatschappelijke initiatieven te faciliteren zonder dat sprake is van een marktgerichte opdrachtrelatie. Hiermee wordt aangesloten bij het karakter van de activiteiten en wordt invulling gegeven aan de beleidsdoelstellingen van de provincie.
Gevraagd wordt aan Provinciale Staten om de begrotingssubsidie vast te stellen op € 375.000 en deze op te nemen in de begroting.
De begrotingssubsidie aan Skytree Amsterdam t.b.v. Opstart DAC-unit Skytree bij CDR-fieldlab Subzero te Rotterdam voor een bedrag van € 150.000 (beleidsdoel 3-1)
Om de doelstellingen van Energie Innovatie te realiseren zetten wij in op de versterking van het Energie Innovatie ecosysteem in Zuid-Holland. Dit doen wij door financiële middelen beschikbaar te stellen aan ecosysteempartners die in staat zijn bestaande of nieuw te ontwikkelen Fieldlabs verder op te bouwen. Skytree werkt momenteel aan de infrastructuur van het nieuw te ontwikkelen Fieldlab voor Koolstofverwijdering Subzero, een samenwerking van Platform Zero en verschillende kennis en marktpartijen, waaronder Skytree. Dit jaar wil Skytree een basis opbouwen voor een of meerdere Direct Air Capture (DAC)- units, waarmee zijzelf en verschillende andere partners kunnen werken aan het verder ontwikkelen van technieken waarmee we koolstofdioxide uit de atmosfeer kunnen halen en weer vast kunnen leggen. Dit draagt bij aan zowel de doelstelling van innovatie en van co2-reductie. Voor deze specifieke subsidie komen op dit moment geen andere partijen in aanmerking, omdat Skytree als enige over een bewezen, gevalideerde methodiek beschikt voor het plaatsen van een of meerder DAC-units. De middelen zijn al begroot t.b.v. van team Energie Innovatie in samenwerking met Team Haven Transitie. Dekking van de lasten vindt plaats in beleidsdoel 3-1 Energietransitie.
De maatschappelijke baten zijn: beleidsprestatie 3-1-4 Klimaat neutrale en circulaire industrie . Dit draagt bij aan het ontwikkelen van een Koolstofverwijderingcluster in het MerweVierHaven (M4H) gebied te Rotterdam. De middelen worden ingezet t.b.v. Subzero, het fieldlab voor Koolstofverwijdering en hergebruik (CCUS, en CDR) in de Rotterdamse Haven. Het stelt Skytree, in afstemming met Platform Zero, in staat om een installatie of rack t.b.v. van meerdere Dac-units van totaal ca. €1 miljoen euro neer te zetten, zodat er vele startups en andere MKB-ers in de regio profijt van kunnen hebben, teneinde de transitie te maken naar een netto neutrale Haven industrieel Complex.
Als alternatief voor het instrument subsidie is opdrachtverstrekking overwogen. Subsidie is gebleken de enige optie te zijn, aangezien het betreffende bedrag geen tegenprestatie vormt voor een geleverde dienst, maar een bijdrage ter stimulering van de betreffende ontwikkeling van het Fieldlab Subzero.
Gevraagd wordt aan Provinciale Staten om de begrotingssubsidie vast te stellen op € 150.000 en deze op te nemen in de begroting.
De begrotingssubsidie aan TNO – innovation for life t.b.v. Meerjarenprogramma Energierechtvaardigheid 2026 - 2031 voor een bedrag van € 200.000 (beleidsdoel 3-1)
Een rechtvaardige energietransitie betekent dat lusten en lasten eerlijk zijn verdeeld, procedures eerlijk en transparant verlopen met voldoende zeggenschap voor burgers en andere betrokkenen, en dat er rekening gehouden wordt met wensen en belangen van iedereen, inclusief gemarginaliseerde groepen. Het is van belang te onderkennen dat wat ‘eerlijk’ is in hoge mate afhangt van persoonlijke en politieke opvattingen, en dat het daarom voor de overheid vooral van belang is om transparantie te bieden en besluitvorming te faciliteren en implementeren. Op verschillende overheidsniveaus spelen rechtvaardigheidsvragen. Rechtvaardigheid krijgt in toenemende mate weer een prominente rol in het Nederlandse energie- en klimaatbeleid. In het Nationaal Programma Energiesysteem (NPE) uit 2023 wordt energierechtvaardigheid als kernwaarde genoemd, en ook in het Nationale Klimaatplan (2025) wordt gesteld dat klimaatbeleid naast doelmatig en doeltreffend ook rechtvaardig dient te zijn. Het is van belang om op verschillende schaalniveaus rechtvaardigheid als centrale waarde te implementeren. Mede daarom is het meerjarenprogramma energierechtvaardigheid, met voorziene deelname van enkele andere provincies en het Rijk, in ontwikkeling. In het meerjarenprogramma zal actiegericht en in verschillende casuïstiek worden gewerkt langs vier programmalijnen: ontwikkeling van gedeeld begrip van rechtvaardigheid, operationaliseren van rechtvaardigheid, institutioneel verankeren en monitoring. Het meerjarenprogramma wil nationale, provinciale en gemeentelijke beleidsmakers ondersteunen bij het zichtbaar en bespreekbaar maken van de verschillende rechtvaardigheidsprincipes in beleid om de uitkomsten van het beleid rechtvaardig te laten zijn.
Dekking van de middelen voor deelname aan het meerjarenprogramma (€ 0,2 mln., voor de periode 2026-2031) vindt plaats vanuit uit bestaande exploitatiemiddelen bij doel 3-1 energietransitie.
De maatschappelijke baten zijn: beleidsprestatie 3-1-2 Lokale initiatieven en inclusieve energietransitie. Dit draagt bij aan een rechtvaardiger invulling van de energietransitie. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat een meerderheid van de Nederlandse bevolking de energietransitie steunt, mits rechtvaardig vormgegeven. Ook blijkt uit onderzoek dat een meerderheid de energietransitie op dit moment niet rechtvaardig vindt vormgegeven. Het meerjarenprogramma beoogt handelingsperspectief te bieden om de energietransitie rechtvaardiger vorm te geven en daarmee de betrokkenheid bij en het draagvlak voor de energietransitie te vergroten.
Er zijn alternatieven voor het instrument subsidie overwogen. Met subsidie leveren de gezamenlijke overheden een bijdrage aan het Meerjarenprogramma Energierechtvaardigheid 2026-2031. Daarom is subsidie een beter instrument dan opdrachtverstrekking. Er is – mede door de breedte van deelnemende partijen – geen directe sturing op activiteiten en resultaten. Subsidie is daarmee een beter passend instrument.
Gevraagd wordt aan Provinciale Staten om de begrotingssubsidie vast te stellen op € 200.000 en deze op te nemen in de begroting.
De begrotingssubsidie aan YES!Delft t.b.v. Energieprogramma 2026-2028 voor een bedrag van € 225.000 (beleidsdoel 3-1)
Om de doelstellingen van Energie Innovatie te realiseren zetten wij in op de versterking van het Energie Innovatie ecosysteem in Zuid-Holland. Dit doen wij door financiële middelen beschikbaar te stellen aan ecosysteempartners die in staat zijn bewezen programma’s op te schalen en daarmee een structurele bijdrage te leveren aan de technische validatie, opschaling en doorontwikkeling van startups in onze regio. YES!Delft is het eerste traject dat wij in dit kader willen oppakken. Zij beschikken over een bewezen methodiek voor de ondersteuning van innovatieve ondernemingen en zijn voornemens om in de komende drie jaar jaarlijks 3–5 energie startups te begeleiden, onder andere in aansluiting op de verschillende energie fieldlabs in Zuid Holland. Met deze aanpak dragen zij aantoonbaar bij aan de versterking van het regionale innovatie ecosysteem en de versnelde ontwikkeling van kansrijke energietechnologieën. Om deze meerjarige inzet mogelijk te maken, beogen wij YES!Delft te ondersteunen met een subsidie, zodat zij de komende drie jaar gericht kunnen investeren in de begeleiding en opschaling van verschillende energie startups. Voor deze specifieke subsidie komen op dit moment geen andere partijen in aanmerking, omdat YES!Delft als enige over een bewezen, gevalideerde methodiek beschikt voor de opschaling van energie startups binnen onze regionale context. Het ondersteunen van YES!Delft vormt daarmee het eerste traject binnen onze bredere meerjarige inzet voor startup ontwikkeling; aanvullende trajecten met andere partijen zullen de komende periode verder worden verkend en ontwikkeld. Dekking vindt plaats vanuit beleidsdoel 3-1 Energietransitie.
De maatschappelijke baten zijn: beleidsprestatie 3-1-5 Duurzaam energiesysteem. Dit draagt bij aan de doelen van het nationaal Klimaat akkoord.
Als alternatief voor het instrument subsidie is opdrachtverstrekking overwogen. Subsidie is gebleken de enige optie te zijn, aangezien het betreffende bedrag geen tegenprestatie vormt voor een geleverde dienst, maar een bijdrage ter stimulering van het betreffende beleidsdoel.
Gevraagd wordt aan Provinciale Staten om de begrotingssubsidie vast te stellen op € 225.000 en deze op te nemen in de begroting.
Subsidieregelingen 2026 in vergelijking met 2025 (in €)
Beleids-doel | Subsidie-regeling-nummer | Titel van regeling | Maximaal te subsidiëren 2025 | Kadernota 2026 | Begroting 2026 | Voorjaarsnota 2026 | Najaarsnota 2026 | Maximaal te subsidiëren 2026 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
3.1 | 1.6.125 | Subsidieregeling transponder- en radartechniek windparken Zuid-Holland | 220.000 | |||||
Subsidieregelingen met een meerjarig subsidieplafond | ||||||||
3.1 | 1.6.120 | Subsidieregeling lokale initiatieven energietransitie Zuid-Holland 2023 | 2.250.000 | 2.250.000 | ||||
3.1 | 1.6.93 | Subsidieregeling Zonnig Zuid-Holland | 5.000.000 | 5.000.000 | ||||
Totaal | 7.470.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 7.250.000 | ||
Toelichting
Gedeputeerde Staten kunnen door het jaar heen subsidieplafonds vaststellen voor subsidieregelingen, passend binnen de beschikbare budgetten. De peildatum van bovenstaande tabel is 24 april 2026. Dat verklaart ook dat in de kolom ‘maximaal te subsidiëren 2026’ soms nog geen bedrag staat vermeld.
